Bloggers

Een overzicht van blogs geschreven door aanbieders die zich hebben aangesloten bij e-Learning.nl.


Van Sibrenne Wagenaar | 15-07-2026 | Article Rating | (0) reacties

Na de AI-training begint het echte leren pas

Van zomercursus naar teamsessies en experimenteren met nieuwe werkgewoontes

Vraag mensen of ze AI gebruiken en het antwoord is vaak ja. Een reis uitstippelen, een tuinontwerp laten schetsen, een AI video voor een vriend die gaat trouwen. Privé vinden mensen hun weg wel.

Het afgelopen jaar begeleidden we verschillende organisaties bij het gebruik van AI. Daar zagen we soms grote verschillen. Sommige medewerkers gebruikten AI al voor lastige mails, samenvatting, het vergelijken van twee documenten of het bedenken van werkvormen. Anderen waren nieuwsgierig, maar vonden het lastig om te bedenken waar AI in hun werk iets kan toevoegen.

Dat verschil zit lang niet altijd in technische handigheid. De mensen die AI het snelst in hun werk wisten te gebruiken, waren vooral bereid om te proberen. Om iets aan te passen en soms opnieuw te beginnen. En om te accepteren dat het niet meteen sneller of beter ging. “Laat ik eens proberen om mijn mail met AI in drie varianten te schrijven: warm zakelijk, geschikt voor de Amsterdamse kapper en professioneel.” Goed leren werken met AI vraagt dus om meer dan een training. Het vraagt om experimenteren in het werk, samen reflecteren, goede prompts en toepassingen delen en nieuwe routines ontwikkelen. Je zou kunnen zeggen: na de AI-training begint het echte leren pas.

AI gebruiken is niet automatisch sneller werken.

Zeker in het begin kost werken met AI soms juist extra tijd. Een mail zelf schrijven kan sneller zijn dan eerst uitleggen wat je wilt, een resultaat van AI beoordelen en vervolgens drie keer bijsturen. In dat proces kan je wel leren van AI resultaten die net wat anders zijn dan je zelf zou bedenken.

Een mooi voorbeeld: iemand vroeg een taalmodel om eerst een tekst te schrijven in twee varianten: professioneel en in de stijl van Pauline Cornelissen. Vervolgens heeft ze daar één tekst van laten maken. Het resultaat was een tekst waarin AFAS werd vergeleken met spaghetti. Iets wat ze zelf nooit zo zou hebben geschreven. Maar al haar collega’s herkenden de metafoor en vonden de tekst sterk en grappig. Dat is leren met AI.

Een goede training is pas het begin

Als leerprofessionals hebben we snel de neiging om een training te organiseren. Medewerkers leren wat AI is, prompten, verkennen van toepassingen uit hun eigen werk. Dat is logisch. En als je zo’n training dicht bij de praktijk brengt, is dat goed vakmanschap.

Maar dan komt het bekende transfer vraagstuk. Wat iemand leert in een training, komt niet vanzelf in het dagelijkse werk terecht. De omgeving speelt een rol, net als de leidinggevende, de beschikbare tijd en de gelegenheid om te oefenen. Bij AI komt daar nog iets bij.

Werken met AI vraagt niet alleen om nieuwe kennis en vaardigheden. Het vraagt ook om ander gedrag. Om opnieuw kijken naar je werk. Om je af te vragen waar AI iets kan toevoegen. Om te experimenteren zonder te weten of het lukt. En om samen met collega’s nieuwe manieren van werken te ontwikkelen.

Hoe helpen we mensen om dat leren na de training gaande te houden?

Bij een organisatie begonnen we met zomercursussen. Luchtige, laagdrempelige dagen voor medewerkers die AI in de vingers wilden krijgen. De cursussen zaten binnen no-time vol. Uiteindelijk deden zo’n 120 medewerkers mee. Ze ontdekten wat generatieve AI is, wat ze ermee konden in hun werk en hoe ze er verstandig mee konden werken. Na de zomer kwam vanuit teams een nieuwe vraag: kunnen we niet samen onderzoeken wat AI in ons werk als team kan betekenen?

Collega’s inspireerden elkaar. Iemand liet zien hoe AI hielp bij de voorbereiding van gesprekken. Een ander gebruikte het om documenten te analyseren. Weer iemand maakte met AI een eerste opzet voor een tekst. Niet een algemeen voorbeeld van wat AI allemaal kan, maar een collega die laat zien wat er gisteren in het eigen werk mee lukte. Juist dat maakte het waardevol.

De grootste opbrengst zat tussen de bijeenkomsten

De teamsessies bestonden uit twee bijeenkomsten, met twee tot drie weken ertussen. Die tussenliggende periode bleek misschien wel net zo belangrijk als de sessies zelf.

Aan het einde van de eerste bijeenkomst schreef iedere deelnemer een klein experiment op een bierviltje. Geen groot veranderplan, maar één concrete toepassing om de volgende dag uit te proberen. Bijvoorbeeld:

  • een lastig verslag laten structureren;
  • drie varianten van een mail maken;
  • werkvormen bedenken voor een klantbijeenkomst;
  • een document laten analyseren op terugkerende thema’s;
  • feedback vragen op een eigen tekst.

Het bierviltje ging mee om naast je laptop te leggen voor de volgende dag. Zo bleef het voornemen zichtbaar.

In de tweede sessie haalden we de ervaringen op. Wat werkte? Wat viel tegen? Wanneer hielp AI echt? Wanneer kostte het vooral tijd? En wat hadden mensen geleerd over hun eigen werk? Daarna keek het team vooruit. Wat willen we eigenlijk bereiken met AI? Sneller werken? Meer kwaliteit? Creatiever worden? Consistenter communiceren? En welke taken passen daarbij?

 

De teamaanpak was waardevol, maar nog niet genoeg

De teamsessies brachten AI dichter bij het dagelijkse werk. Medewerkers onderzochten eigen taken, probeerden toepassingen uit en leerden van de ervaringen van collega’s. Heel waardevol! En tegelijkertijd merkten we dat ook deze aanpak nog niet voldoende was om het leren met AI echt gaande te houden.

Na twee sessies gaan sommige medewerkers enthousiast verder. Zij blijven experimenteren en vinden steeds nieuwe toepassingen. Bij anderen zakt het gebruik weer weg. Het delen van goede prompts vraagt meer inbedding in het werk, dan het uitspreken van de intentie. Er zijn vormen nodig om teams met vergelijkbare vragen met elkaar in contact te brengen. Er is ICT ondersteuning nodig om enthousiaste doorontwikkelaars aan boord te houden.

Tijdens het traject bedachten we verschillende mogelijke vervolgstappen. Een netwerk van AI-ambassadeurs dat ervaringen tussen teams verzamelt en verspreidt. Een promptbibliotheek waarin niet alleen prompts staan, maar ook waarvoor ze werken en waar je op moet letten. Korte AI-oogstmomenten tijdens teamoverleggen. En een manier om vragen en ervaringen uit de praktijk terug te brengen naar ICT, leidinggevenden en management.

Maar eerlijk is eerlijk: in deze organisaties hebben we die volgende stap niet meer goed kunnen zetten. Terugkijkend is onze geleerde les dat je vanaf het begin groter moet denken. Niet alleen in een cursus met daarna een paar teamsessies, maar in een leerroute: een samenhangende reeks leeractiviteiten waarin kennismaken, oefenen, experimenteren, reflecteren, kennisdelen en verder ontwikkelen elkaar opvolgen. Een training kan daarin een prima startpunt zijn. Maar als je wilt dat mensen hun werkgewoontes daadwerkelijk veranderen, moet leren in het werk vanaf het begin onderdeel zijn van het ontwerp.

Drie ontwerpprincipes voor een leerroute rond AI

1. Ontwerp een leerroute, geen losse training

Een AI-training kan medewerkers nieuwsgierig maken en een eerste basis geven. Maar één bijeenkomst kan niet zorgen voor een blijvende verandering in het werk. Denk daarom vooraf na over wat er na de training gebeurt. Waar gaan medewerkers oefenen? Wanneer bespreken ze hun ervaringen? Hoe krijgen ze nieuwe voorbeelden? Waar kunnen ze vragen stellen? En hoe bouwen ze voort op wat anderen al hebben ontdekt?

Een leerroute kan bijvoorbeeld bestaan uit:

  • een gezamenlijke introductie;
  • kleine experimenten met eigen werktaken;
  • een teamsessie om ervaringen te bespreken;
  • het delen van AI ervaringen op de agenda van het teamoverleg
  • nieuwe inspiratie-uurtjes door AI-ambassadeurs;
  • een plek waar toepassingen, prompts en lessen worden gedeeld.

Niet iedereen hoeft precies dezelfde route te volgen. Het belangrijkste is dat leren niet eindigt zodra de training voorbij is en je met teams verschillende volgende interventies kunt verkennen.

2. Maak experimenteren en reflecteren onderdeel van het werk

Mensen leren AI niet gebruiken door er alleen over te horen. Ze moeten ervaren wat AI bij hun eigen taken wel en niet kan betekenen.

Dat vraagt om kleine, concrete experimenten. Geen opdracht als “gebruik AI de komende maand vaker”, maar bijvoorbeeld: “Gebruik AI bij je volgende klantgesprek om mogelijke vragen voor te bereiden.” Zo’n experiment wordt sterker wanneer er ook een moment van reflectie volgt: Wat leverde het op? Wat werkte niet? Waar moest je zelf blijven nadenken? Wat zegt dit over de kwaliteit van jullie werk? Wat zou je een volgende keer anders doen?

Misschien kan je een AI-assistent maken die medewerkers in hun werk kunnen gebruiken om af en toe te reflecteren op hun ervaring met AI? Hier vind je een ‘AI-reflectie-dagboek’ waarin je kunt reflecteren op je AI gebruik en gelijk ook tips krijgt voor vervolg, samen met 1 klein AI-experiment. Misschien vind je het leuk om uit te proberen?

3. Ontwerp hoe individueel leren collectief wordt

Veel leren met AI begint bij één medewerker die iets uitprobeert. Maar een lerende beweging ontstaat pas wanneer collega’s van elkaars ervaring kunnen profiteren. Dat gebeurt niet vanzelf. Je moet organiseren hoe ontdekkingen worden gedeeld, beoordeeld en verder ontwikkeld. Denk aan AI-ambassadeurs, een promptbibliotheek, korte demonstraties in een teamoverleg of een community waarin medewerkers voorbeelden en vragen uitwisselen.

Een promptbibliotheek is daarbij meer dan een verzameling opdrachten om te kopiëren. Voeg ook het verhaal erachter toe: Voor welke taak is de prompt bedoeld? Wat levert hij op? Welke aanpassingen zijn vaak nodig? Wat heeft de maker ervan geleerd?

Collectief leren vraagt bovendien om een verbinding met de rest van de organisatie. Wat medewerkers ontdekken, kan gevolgen hebben voor de beschikbare technologie, privacy-afspraken, werkprocessen en de ondersteuning door leidinggevenden. Zorg daarom dat signalen uit de praktijk ergens terechtkomen.

Denk vanaf het begin verder dan de eerste interventie

Onze belangrijkste les is dat je als leerprofessional vanaf het begin verder moet kijken dan de eerste training. Neem die managers ook mee in deze gedachte. Welke beweging wil je op gang brengen? Welke leervormen zijn daarvoor nodig? Hoe krijgt experimenteren een plek in het werk? Hoe leren medewerkers van elkaar? En wat is er in de organisatie nodig om nieuwe werkgewoontes te ondersteunen?

In ons boek Werkplekleren met AI gebruiken we een raamwerk om juist naar die bredere leeromgeving te kijken. Wil je daar meer over weten, lees ons boek. Of doe mee aan de leergang ‘Een sterk ontwerp met AI’ die in september weer van start gaat, Dan kan je gelijk een goed ontwerp maken voor een AI-leerroute in jouw organisatie!

In ons boek Werkplekleren met AI gebruiken we een raamwerk om juist naar die bredere leeromgeving te kijken. Wil je daar meer over weten, lees ons boek. Of doe mee aan de leergang ‘Een sterk ontwerp met AI’ die in september weer van start gaat, Dan kan je gelijk een goed ontwerp maken voor een AI-leerroute in jouw organisatie!


Lees het hele artikel


Hoe waardeert u deze bijdrage?




Reacties

Plaats hieronder uw reactie.

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)

CAPTCHA Afbeelding
Voer de hierboven staande code in: