Waarom een diploma er vandaag de dag ook nog toe doet
Heeft een opleiding, die wordt afgesloten met een diploma, nog zin nu AI grote delen van routinematig cognitief werk overneemt? Rita Finkel meent van wel. In “Why College Degrees Matter in the Age of AI” schrijft zij dat je tijdens een opleiding aan een onderwijsinstelling vooral kritisch denkvermogen ontwikkeld, en dat die bekwaamheid in een snel veranderende arbeidsmarkt aan belang wint.
Al een aantal jaren overheerst in de Verenigde Staten het beeld dat het belang van een diploma afneemt. Deze ontwikkeling is volgens Finkel versterkt door de coronapandemie. Tegelijkertijd verandert AI het werk van kenniswerkers: het automatiseert routinematige cognitieve taken en beïnvloedt de manier waarop werknemers worden geworven. Uit een Gallup-enquête uit 2025 blijkt dat het gebruik van AI op de werkvloer onder Amerikaanse werknemers is gestegen van 21 procent in 2023 naar 40 procent in 2025. Voor veel mensen is dit reden om te concluderen dat een vierjarige universitaire opleiding de tijd en het geld niet meer waard is.
Finkel bestrijdt die conclusie met cijfers. Volgens het rapport Education Pays 2026 van de College Board presteren afgestudeerden nog steeds structureel beter dan niet-afgestudeerden als het gaat om werkgelegenheid, inkomen en loopbaanbestendigheid op lange termijn. De arbeidsmarkt voor net afgestudeerden is weliswaar competitiever geworden, maar het verschil met niet-afgestudeerden blijft volgens haar aanzienlijk.
Belangrijker dan directe arbeidsmarktcijfers is volgens Finkel de bekwaamheid die een opleiding aan een onderwijsinstelling oplevert: kritisch denken. Dat omvat ook het vermogen om AI te begrijpen, wat volgens haar bepalend is voor wie invloed krijgt op hoe AI ethisch en verantwoord wordt ingezet. Een analyse van de Federal Reserve Bank of St. Louis uit 2025 laat zien dat werknemers met alleen een diploma voortgezet onderwijs tussen 2000 en 2025 een werkloosheidspercentage hadden dat consequent minstens 2,3 procentpunt hoger lag dan dat van gediplomeerden met een bachelordiploma. Cijfers van Goldman Sachs en andere arbeidsmarktonderzoekers laten voor 2025 een werkloosheid van ongeveer 7 procent zien onder jonge werknemers zonder hoger onderwijs-opleiding, tegenover ongeveer 4,6 procent onder recent afgestudeerden.
Finkel benadrukt dat een opleiding hoger onderwijs geen vakopleiding is, maar een voorbereiding op een leven lang economische en intellectuele verandering. Een opleiding van goede kwaliteit leert studenten informatie analyseren, helder communiceren, onbekende problemen oplossen, onderzoek doen, samenwerken met verschillende soorten mensen en zelfstandig leren, vaardigheden die overdraagbaar zijn tussen sectoren en technologieën. Western Governors University ondervroeg meer dan 3.000 werkgevers en concludeert dat werkgevers in toenemende mate waarde hechten aan medewerkers die kritisch kunnen denken, nuance kunnen interpreteren en oordelen kunnen vormen die machines niet eenvoudig kunnen overnemen. Volgens McKinsey worden menselijke vaardigheden in het tijdperk van AI belangrijker, terwijl technische vaardigheden zich elke paar jaar vernieuwen.
Ook tijdens economische neergang doen hoger opgeleiden het volgens Finkel beter. Cijfers van het Amerikaanse Bureau of Labor Statistics over 2024 laten zien dat de werkloosheid onder gediplomeerden met een bachelordiploma 2,5 procent bedroeg, tegenover 4,3 procent onder mensen met alleen een diploma voortgezet onderwijs en 6,1 procent onder mensen zonder enig diploma. Finkel erkent dat er legitieme zorgen zijn over betaalbaarheid en aansluiting op de arbeidsmarkt, en dat het voor sommige studenten verstandig kan zijn een opleiding met een hoge studieschuld en weinig arbeidsmarktperspectief te heroverwegen. Een opleiding zien als louter vakopleiding is volgens haar echter de verkeerde invalshoek. Zij wijst daarbij ook op financiële steun en betaalbare alternatieven voor dure universiteiten.
Finkel sluit af met de constatering dat een diploma niet alleen economische voordelen biedt. Volgens haar hangt het behalen van een diploma samen met een langer en gezonder leven, een hoger inkomen, meer maatschappelijke betrokkenheid en een betere aansluiting tussen opleiding en loopbaan.
Mijn opmerkingen
Finkel schrijft vanuit de Amerikaanse context, waar de discussie over het rendement van een universitair diploma directer verbonden is met studieschuld dan in Nederland. Toch is de kern van haar betoog ook hier relevant. Ook in ons land wordt het belang van een diploma weleens ter discussie gesteld. In tijden van personele krapte komt het fenomeen ‘groenpluk’ vaak voor: werkgevers oefenen druk op op jongeren om het onderwijs te verlaten voordat zij een diploma hebben. Dat is echter korte termijn-beleid en niet in het belang van het gros van de jongeren. Er zijn inderdaad jongeren die het zonder diploma prima redden in de maatschappij. Finkel laat echter zien dat jongeren met een diploma vaak duidelijk een streep voor hebben op jongeren zonder diploma. In ons land laat onderzoek van o.a. het Nederlandse Jeugdinstituut ook een duidelijk beeld zien: het bezit van een zogenaamde startkwalificatie is een doorslaggevende factor is voor de positie op de arbeidsmarkt.
Finkel beperkt haar betoog wel tot een opleiding aan een selectieve universiteit met een hoog slagingspercentage. In ons land kennen we een ander onderwijssysteem met veel mogelijkheden voor praktisch geschoold en theoretisch geschoold werk. Bovendien kennen we in het mbo verschillende typen leerwegen. Je kunt ook door grotendeels onder begeleiding te werken een diploma halen. Dat is best uniek en moeten we koesteren.
Jongeren die praktisch geschoold worden, leren -als het goed is- ook niet alleen specifieke beroepshandelingen die snel verouderen. Als het goed is, leren zij ook hoe zij zich kunnen blijven ontwikkelen in een veranderende wereld. Binnen het beroepsonderwijs is ook aandacht voor kritisch denken, problemen oplossen, onderzoeken en samenwerken.
In een arbeidsmarkt waarin AI steeds meer routinetaken overneemt, wordt het vermogen om informatie te beoordelen, problemen te structureren en zelfstandig te blijven leren belangrijker dan specifieke technische vaardigheden die snel verouderen. Dat sluit aan bij wat ik eerder schreef over het verschil tussen AI-geletterdheid en AI-fluency, en over kritisch denken in het AI-tijdperk. Het is dus zaak om ook jongeren niet te vakspecifiek op te leiden.
Mijn bronnen over (generatieve) artificiële intelligentie
Deze pagina bevat al mijn bijdragen over (generatieve) artificiële intelligentie.
Lees het hele
artikel