Bloggers

Een overzicht van blogs geschreven door aanbieders die zich hebben aangesloten bij e-Learning.nl.


Van Wilfred Rubens (redactie) | 09-04-2026 | Article Rating | (0) reacties

Werkplekleren met AI (boekbespreking)

Er verschijnen regelmatig boeken over AI, vaak ook in relatie tot het vakgebied van leren, opleiden en onderwijs. Dat is best een risico. De productietijd van een boek verhoudt zich namelijk slecht tot de razendsnelle ontwikkeling van deze groep technologieën. Voordat je het weet is er weer een nieuw AI-model verschenen met meer mogelijkheden. Of hebben we nieuwe inzichten opgedaan, bijvoorbeeld als het gaat om het gebruik van AI voor feedback. Joitske Hulsebosch en Sibrenne Wagenaar hebben zich desalniettemin gewaagd aan een boek over werkplekleren met AI.

Werkplekleren met AIIn het verleden stonden cursussen, opleidingen en trainingen centraal op het gebied van leren en ontwikkelen (L&D). Sinds enkele decennia is de scope van L&D verbreed, ook al focussen veel L&D-functies zich nog steeds voornamelijk op het organiseren van studiedagen, trainingen, online e-learning modules (spreek svp niet over ‘elearnings’, zoals Joitske en Sibrenne helaas wel doen) en cursussen. Zelf onderscheid ik:

  • Werkplekleren omvat leren op de werkvloer via probleemoplossing, experimenteren, observeren en samenwerken; al dan niet met leertechnologie. De leerprikkel komt voort uit het werk zelf; beroepspraktijkvorming en stages vallen hier ook onder. Evenals performance support.
  • Informatie verwerken gaat over het zoeken, vinden, cureren en verwerken van informatie, zowel gericht (bijblijven in het vakgebied) als toevallig (serendipity via social media). Gevonden bronnen worden opgeslagen voor later gebruik.
  • Coaching betreft wederzijdse begeleiding en feedback tussen collega’s, maar ook externe coaching, intervisie, supervisie en loopbaanbegeleiding. Methodieken als peer assisted leadership en video-interactiebegeleiding combineren observeren, terugkoppelen en adviseren.
  • Educatie omvat opleidingen, cursussen (waaronder MOOCs), trainingen en workshops van uiteenlopende aanbieders, variërend in duur, inzet van leertechnologie en de mate van eigen regie van de lerende over doelen, inhouden en activiteiten.
  • Reflectie op inhoud geeft betekenis aan ervaringen en stimuleert creatief handelen. Reflectie kan verweven zijn met de andere componenten, maar ook als zelfstandige activiteit plaatsvinden; gericht op nieuwe inzichten en de consequenties daarvan voor het eigen handelen of de organisatieprestaties.

AI kan binnen elk van deze vormen worden ingezet. Joitske en Sibrenne focussen zich in deze publicatie op werkplekleren. Hun boek is opgebouwd uit drie delen.

Deel 1 legt de basis: waarom is werkplekleren juist nu relevant, in het tijdperk van generatieve AI? Dit deel laat zien wat werkplekleren met AI inhoudt; leren dat plaatsvindt in het werk zelf, waarbij AI volgens de auteurs kan functioneren als coach, sparringpartner of assistent. Ook komen kritisch denken en nieuwe ethische vragen aan bod, en het onderscheid tussen werken met AI en leren met AI. Zij beschrijven in dit onderdeel onder meer terecht dat de focus van leerprofessionals dankzij AI verschuift. Er komt minder nadruk te liggen op content maken, maar meer op het regisseren van leerprocessen. Zij stellen daarbij dat AI-technologie niet alleen wordt gebruikt voor contentontwikkeling, maar voor tal van leerinterventies (ook bijvoorbeeld coaching en reflectie). De leerprofessional gebruikt AI onder meer voor het ontwerpen en ontwikkelen van leerinterventies, de lerende zelf gebruikt AI ook binnen het leerproces zelf. Denk aan AI voor feedback. Joitske en Sibrenne wijzen terecht op de risico’s van het uitbesteden van het leren aan AI.

Zij geven in dit deel ook een beschrijving van de term werkplek leren: leren dat ontstaat vanuit concrete werksituaties en direct verbonden is met het dagelijks werk. Toch mis ik een consistent gebruik van deze term. Op een gegeven moment vallen MOOCs ook onder werkplekleren (p. 129) of een online cursus Excel waarvan je het geleerde direct toepast. De auteurs verwijzen ook naar het onderscheid werkplekleren, coaching en formeel opleiden. Maar vervolgens wordt coaching weer onder werkplekleren geschaard. Ze stellen ook dat overal waar wordt gewerkt, wordt geleerd. Dat is de vraag aangezien ruimte voor reflectie vaak binnen het werk ontbreekt, maar wel belangrijk is voor leren. Het onderscheid tussen werkplekleren en werkplekopleiden leidt bij mij ook niet tot minder verwarring. Overigens heb ik dit erg vaak bij publicaties over werkplekleren. Tijdens het lezen van dit deel, heb ik daarom onderstaand kader gemaakt (de cellen bevatten voorbeelden):

Raamwerk leren

Wellicht is het beter om het begrip werkplekleren te reserveren voor leren dat zelfgestuurd of gefaciliteerd plaatsvindt en waarvan de leeruitkomsten onmiddellijk of snel worden toegepast in het dagelijks werk.

Joitske en Sibrenne  schetsen in deel 1 ook onder meer vier richtingen voor L&D in tijdens van AI. AI kan fungeren als assistent van de L&D-functie, iedereen is AI-savvy, de zelflerende organisatie en de AI-autocratie. De richtingen worden bepaald door het wel of niet meer hebben van een L&D-afdeling en door de rol van AI (ondersteunen of zelf bepalen). Het is echter de vraag of deze richtingen voldoende ruimte voor nuance bieden, ook omdat veel organisaties een L&D-functie kennen en geen afdeling. Interessant in dit deel is onder meer de rol die AI kan vervullen bij expliciete en impliciete kennis. AI kan helpen impliciete kennis bewuster te maken door mee te denken of vragen te stellen.

Deel 2 richt zich op de praktijk: hoe ontwerp en versterk je werkplekleren met AI? Via een eigen raamwerk worden vier vormen van leren onderscheiden: van doelbewust naar spontaan, en van zelfstandig naar samen. Het raamwerk helpt ook om leren zichtbaar te maken, gesprekken erover te voeren en een leerklimaat te creëren. Generatieve AI speelt daarin een dubbele rol: als onderdeel van het leerproces én als ondersteuning bij ontwerpen en reflecteren. Dit raamwerk is op zich interessant, al vraag ik me af of Joitske en Sibrenne hierin alle vormen van werkplekleren kunnen onderbrengen die zij onderscheiden.

Dit deel leidde bij mij al direct ook tot de vraag: moeten we werkplekleren wel altijd ontwerpen? Kun je ‘spontaan leren’ wel ontwerpen? Of meer faciliteren? Dus middelen beschikbaar stellen, bevorderen dat medewerkers die middelen gebruiken, dat men kritisch is, nieuwsgierig, reflecteert, elkaar bevraagt, enzovoorts. Dat onderscheid zou ik wat explicieter gemaakt hebben. En leer je wel individueel als je een AI-chatbot gebruikt om te reflecteren? Of is dat ‘oud denken’ omdat individueel leren dan uitgaat dat je alleen met een mens samen kunt leren?

Overigens besteden de auteurs een apart hoofdstuk aan ruimte maken voor nieuwsgierigheid (op basis van het werk van Simons), waarin wel aandacht is voor het maken van ruimte om te leren of voor het stimuleren van interdisciplinair leren. Verder besteden zij in dit deel uitgebreid aandacht aan het analyseren van de huidige situatie, aan het ontwerpen van leerinterventies, het werken met teammanagers en aan nieuwe ethische vragen. In dit laatste hoofdstuk gaan de auteurs gelukkig ook in op de beperkingen van AI-toepassingen zoals het genereren van uniforme output. Bij de vele voorbeelden van AI bij werkplekleren die zij geven, miste ik af en toe kritische noten.

Deel 3 is het meest beknopte deel en gericht op doen: concrete acties in de eigen praktijk. Afhankelijk van de context kies je volgens Joitske en Sibrenne een startpunt. Denk daarbij aan een heldere visie ontwikkelen, investeren in je eigen ontwikkeling, of werken aan een leerklimaat. Ook gaan zij in op AI als co-ontwerper van werkplekleren. Het derde deel beschrijft tien vormen van werkplekleren, van microlearning tot VR, en sluit af met een blik op de toekomst van leren en ontwikkelen. Daar is onder meer aandacht voor het ‘agentic web’, menselijk oordelingsvermogen als kernvaardigheid en voor ‘vibe coding’.

Het boek over werkplekleren met AI bevat 320 pagina’s met veel waardevolle achtergrondinformatie en zinvolle voorbeelden. Ik heb dit boek met plezier gelezen, mede omdat het zo veel vragen bij mij op heeft geroepen. Verspreid door het boek staan 26 praktische werkvormen op basis van prompts (herkenbaar aan groene pagina’s). Dat zijn concrete manieren om leren met AI uit te proberen in het dagelijks werk.​​​​​​​​​​​​​​​​ Verder vind je er ook korte vraaggesprekken met experts.

In de introductie van deze boekbespreking gaf ik aan dat de productietijd van een boek over AI zich slecht verhoudt tot de razendsnelle ontwikkeling van deze groep technologieën. Dat is het geval met de werkvormen en voorbeelden. Op dit moment beschikken we namelijk over ‘agentische applicaties’ zoals Cowork van Claude. ‘Werkplek leren en AI’ besteedt weliswaar kort aandacht aan AI-agents. Voorbeelden van instructies voor AI-agents zouden, naast de gepresenteerde prompts, in deze publicatie niet hebben misstaan.

Wellicht in de volgende druk?

Mijn bronnen over (generatieve) artificiële intelligentie

Deze pagina bevat al mijn bijdragen over (generatieve) artificiële intelligentie.


Lees het hele artikel


Hoe waardeert u deze bijdrage?




Reacties

Plaats hieronder uw reactie.

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)

CAPTCHA Afbeelding
Voer de hierboven staande code in: